4 dingen die ik niet aan de uni leerde..

(..en wel als uitzendkracht)

Het leek misschien een stap terug… vanuit het oogpunt van een samenleving die carrière en ambitie hoog heeft staan. Ik had vier en een half jaar geknokt aan de universiteit en had uiteindelijk een prachtig masterdiploma behaald. Ik was dat meisje die thuis stapels literaire boeken had staan en die hield van een stevige filosofische discussie waar je hersens van gaan kraken. Toch voelde ik me, toen ik eenmaal mijn diploma op zak had, niet bepaald klaar om mij op de arbeidsmarkt te storten. Koudwatervrees, noemde mijn vriend het, die niet zo goed snapte wat ik zo angstaanjagend vond aan  LinkedIn en solliciteren.

Na een korte periode van thuiszitten en solliciteren belandde ik bij een uitzendbureau in de horeca. Zo had ik in ieder geval een basis inkomen en kon ik rustig verder zoeken naar iets in mijn vakgebied. Het werd een jaar waarin er ontzettend veel gebeurde in mijn privé leven, en ik was blij dat ik een tijdje alleen met mijn handen bezig kon zijn en vooral niet te veel hoefde na te denken. Wat ik niet had zien aankomen, is dat ik juist in de horeca nieuwe skills zou leren die ik tijdens mijn studie aan de universiteit nooit had ontwikkeld. Hieronder een top 4.


  1. Proactive houding
    Het klinkt misschien gek, maar als student aan de uni werd ik nou niet echt uitgedaagd om heel proactief te zijn. In colleges maakte ik stilletjes aantekeningen, en ik vroeg pas iets als ik er zelf echt niet uitkwam.  Als uitzendkracht werd ik direct uit mijn comfortzone gehaald. Ik sta nu soms elke dag van de week op een andere (vaak nieuwe) locatie te werken. In het begin was ik in onbekende situaties geneigd om de kat uit de boom te kijken en pas iets te doen als dat van mijn gevraagd werd. Maar in de loop van de tijd werd ik het zat om steeds maar op instructies te wachten, en pakte ik in nieuwe situaties steeds sneller zelf dingen op die gedaan moesten worden. De meeste mensen stellen dit op prijs. Met een proactieve houding kom je capabel over en laat je zien dat je bereid bent om hard te werken.


  2. Grenzen verleggen
    Een van de meest waardevolle dingen die ik heb geleerd in de horeca, is dat ik vaak meer aankan dan ik denk. Zes uur lang op m’n benen staan? Voorheen had ik nooit gedacht dat het mogelijk was. Dan was een treinrit van 20 minuten zonder zitplekje ronduit vervelend. Een wekker die regelmatig vóór 6 uur afgaat? Het is nog steeds mijn hobby niet, maar als het moet ben ik om 7 uur al op mijn werk. Dit terwijl ik het tijdens mijn studie al een opgave vond om voor 9 uur in de bieb te zitten.


  3. Zelfbeheersing
    Je kent het misschien wel – zo’n thuisstudie dag dat je om de haverklap naar de keuken loopt voor koffie, een koekje, of nog een kopje thee. Brainfood, noemde ik het altijd. Je hersens hebben toch ook genoeg brandstof nodig? En ik vond het écht vervelend dat je in de bieb niks mocht eten – genoeg reden om toch weer een dagje thuis te werken. Als horeca medewerker mag ik alleen nog maar in mijn pauzes eten, en die pauzes worden meestal door iemand anders bepaald. Irritant, vooral als je de hele ochtend al de benen van je lijf hebt gelopen, of als het juist zo rustig is dat je constant aan je rammelende maag moet denken. Maar, elke keer overleef ik het toch – en kleine overwinning voor mezelf!


  4. Het probleem ligt niet altijd bij mij
    Van nature ben ik iemand die zich dingen snel persoonlijk aantrekt, met name de houding en het commentaar van anderen. Maar in de horeca werd mij op een gegeven moment duidelijk dat je die input altijd moet filteren. Ik weet nog goed dat ik een keer moest invallen op een onbekende locatie, en dat werkelijk alles wat ik deed ‘verkeerd’ was. Iedereen verwachtte weer wat anders van me, zodat ik–voor mijn gevoel–niets goed kon doen. Ik realiseerde mij toen dat het onmogelijk aan mij kon liggen, en dat het team blijkbaar al hun eigen frustraties op mij aan het afreageren waren. Niet een hele prettige ervaring, maar ik leerde er wel van dat ik de negativiteit van anderen zo veel mogelijk van me af moet laten glijden. Sommige collega’s zijn control freaks, sommige gasten zijn ondankbaar of arrogant. Dat ligt niet aan mij. Als ik mijn best doe, dan maakt het niet zo uit wat anderen vinden. Zoals een collega ooit tegen mijn zei: “I always wear my invisible crown.”